Welke verschillende kostenvergoedingssystemen bestaan er? En op welke manier betaal je de vrijwilligers uit? onderstaand lees je over de basisprincipes van de kostenvergoedingen voor vrijwilligers.
Er bestaat heel wat verwarring over kostenvergoedingen voor vrijwilligers. De wetgeving is nochtans duidelijk. Respecteer altijd de volgende basisprincipes:
Lees hieronder in het snelmenu meer over alle systemen van kostenvergoedingen.
Opgelet. Pas de regels toe en let op voor de uitzonderingen:
Je betaalt de kostenvergoeding in het jaar waarin de kosten zijn gemaakt. Dat kan maandelijks, driemaandelijks,… gebeuren. Laat vrijwilligers niet te lang wachten en kom je afspraken na.
Dus: een vrijwilliger die in december 2025 vrijwilligt en hiervoor een forfaitaire kostenvergoeding krijgt, ontvangt zijn vergoeding bij voorkeur nog in 2025.
Per overschrijving is de beste manier, maar je kan het ook in contanten doen. Zorg dan wel voor een bewijsstuk van betaling.
Mag iedereen die vrijwilligerswerk doet een kostenvergoeding ontvangen?
Ja, wie onder toepassing valt van de vrijwilligerswet, kan desgevallend een kostenvergoeding ontvangen.
Dus ook mensen met een vervangingsinkomen. Zorg ervoor dat je de regels respecteert, zodat niemand negatieve gevolgen moet dragen van de verkeerde toepassing van de kostenvergoedingsregeling in het vrijwilligerswerk.
Kostenvergoedingen en inbeslagname
De kostenvergoedingen die een vrijwilliger ontvangt zijn niet vatbaar voor inbeslagname. Ook vrijwilligers die in een collectieve schuldbemiddeling zitten, moeten hun kostenvergoeding nooit afdragen aan de schuldbemiddelaar.
Kostenvergoedingen van bestuurders
Bestuurders kunnen volgens de Vrijwilligerswet perfect kostenvergoedingen ontvangen, op voorwaarde dat het echt gaat om gemaakte kosten. Zitpenningen of presentiegelden zijn geen kostenvergoedingen, en moeten aangegeven worden bij de belastingen. Lees meer over bestuursvrijwilligers