De Vrijwilligerswet wil vrijwilligers beschermen en legt daarom twee plichten op aan organisaties: de informatieplicht en de verzekeringsplicht.
Behalve dit impliciete recht op informatie en op verzekering bevat de Vrijwilligerswet geen specifieke rechten voor vrijwilligers.
Voor de volledigheid voegen we hier ook aandachtspunten uit het Vlaams Decreet Vrijwilligerswerk toe.
Risicoloos vrijwilligerswerk bestaat niet. Hoewel we de risico’s niet mogen overdrijven kunnen er kleine fouten gebeuren of is een ongeval mogelijk. Bescherm je vrijwilligers dus met een verzekering. De Vrijwilligerswet bepaalt dat er een verzekeringsplicht burgerlijke aansprakelijkheid (BA) geldt voor organisaties.
Dus opgelet, de vrijwilligerswet legt een beperkte verzekeringsplicht op, met name enkel voor wat betreft de burgerlijke aansprakelijkheid.
De verzekeringsplicht BA is van toepassing op:
In deze gevallen genieten de vrijwilligers immuniteit.
Voor een aantal feitelijke verenigingen geldt die verzekeringsplicht BA niet. Toch is een goed vangnet sowieso nuttig. Ontdek hieronder in het tabblad het overzicht van mogelijke verzekeringen. Of misschien is het hét moment om een erkenning aan te vragen voor de Gratis Vrijwilligersverzekering?
Het Vlaams Decreet Vrijwilligerswerk van toepassing op organisaties in het domein Welzijn, Gezondheid en Gezin legt dan weer een uitgebreidere verzekeringsplicht op, omdat ze bv. ook een verzekering lichamelijke ongevallen oplegt.
Lees op de subpagina meer over de verzekeringsplicht in het decreet, alle soorten verzekeringen en meer.
De Vrijwilligerswet legt een verzekeringsplicht BA voor zowat alle organisaties. Daarnaast legt het Vlaams Decreet Vrijwilligerswerk een uitgebreidere verzekeringsplicht op voor:
Deze ruimere verzekeringsplicht is dus van toepassing op organisaties in het domein Welzijn, Gezondheid en Gezin.
De kost van de verzekering voor de erkende autonome vrijwilligersorganisaties kan met de subsidie betaald worden.
Controle op het naleven van de verzekeringsplicht onder het Decreet gebeurt door de Zorginspectie en via het subsidiedossier en de verantwoording van de uitgaven.
De burgerlijke aansprakelijkheid of zogenaamde BA speelt in het geval iemand een fout maakt die schade bij een ander tot gevolg heeft.
Normaal zal wie de fout maakt en daarbij schade veroorzaakt bij iemand anders, de schade moeten herstellen of vergoeden. Dat is niet zo voor vrijwilligers met immuniteit. De organisatie zal aansprakelijk zijn, wat extra bescherming biedt aan de vrijwilliger.
Om het optimaal te regelen voorziet de Vrijwilligerswet een verzekeringsplicht voor ten minste de burgerlijke aansprakelijkheid voor de risico’s met betrekking tot het vrijwilligerswerk.
Opgelet: een organisatie die onder de verzekeringsplicht valt en geen verzekering heeft gesloten, blijft toch aansprakelijk, en zal dus mogelijk voor de kosten opdraaien.
Wie kan burgerrechtelijk aansprakelijk gesteld worden?
Zowel natuurlijke personen (mensen van vlees en bloed) als rechtspersonen (organisaties, verenigingen en ondernemingen). Rechtspersonen zijn immers evengoed dragers van rechten en plichten.
Kunnen vrijwilligers aansprakelijk gesteld worden?
Ja, maar de Vrijwilligerswet perkt dat wel danig in, want ze voorziet immuniteit voor de vrijwilligers. Immuniteit betekent dat de vrijwilliger niet persoonlijk burgerlijk aansprakelijk gesteld kan worden, de organisatie waarvoor men vrijwilligt wel.
Opgelet: niet alle vrijwilligers genieten immuniteit. Lees er meer over bij ‘immuniteit van de vrijwilliger’.
Hoe werkt het om iemand aansprakelijk te stellen?
De persoon die zegt schade te lijden kan zich wenden tot de persoon of organisatie die de fout die tot de schade leidde, maakte.
Er moet bewijs zijn dat de schade een gevolg is en verband houdt met een fout.
Als er een oorzakelijk verband is, kan de ene partij de andere aansprakelijk stellen, dat wil zeggen vragen naar herstelling of vergoeding.
Over welke schade kan het gaan?
Het kan gaan over alle soorten schade: materieel of immaterieel, lichamelijke schade, schade aan voertuigen,… Het begrip schade in geval van BA kan ruim worden opgevat.
De organisatie krijgt een schade-eis binnen, wat nu?
Onderzoek eerst even de schadeclaim. Bevraag eventueel de vrijwilliger die een fout maakte: is er werkelijk iets voorgevallen? Waarom heeft de vrijwilliger niets gezegd aan de organisatie?
Als er aanwijzingen zijn dat er effectief een fout gemaakt werd door de vrijwilliger of de organisatie, kan een dossier ingediend worden bij de verzekeraar.
De verzekeraar onderzoekt, stelt mogelijk bijkomende vragen en zal dan bepalen of de vrijwilliger of de organisatie effectief aansprakelijk is.
Als dat zo is, zal de schade begroot worden en de schadelijder vergoed worden.
Indien de verzekeraar oordeelt dat noch vrijwilliger, noch organisatie aansprakelijk is, zal deze beslissing aan diegene die een schadevergoeding wilde, overgemaakt worden.
Als die zich er niet bij neerlegt, kan eventueel een juridische procedure worden opgestart. De rechter beslecht dan het dossier.
Opgelet: als een derde poogt de organisatie (of de vrijwilliger) aansprakelijk te stellen:
Kunnen we de immuniteit van de vrijwilliger afnemen en hem persoonlijk aansprakelijk stellen?
De vrijwilliger geniet immuniteit dankzij de Vrijwilligerswet. Je kan de immuniteit niet door een eigen beslissing ongedaan maken.
Je moet kunnen bewijzen als organisatie dat er reden is om de immuniteit te ontnemen. Dat wil zeggen dat je
Met andere woorden, de vrijwilliger zal het voordeel van de twijfel hebben en houden.
Opgelet: als het erop aankomt is het aan een rechter om te oordelen of de aansprakelijkheid verlegd kan worden van organisatie naar vrijwilliger.
Elke soort verzekering beschermt mensen en verenigingen tegen een bepaald risico of meerdere risico’s.
Voor je zomaar in het wilde weg verzekeringen af begint te sluiten, is het goed om een overzicht te maken van de risico’s die je (of de vereniging) loopt, zodat je naast eventuele wettelijke verzekeringsplichten, kan bepalen of je nog andere verzekeringen sluit en dewelke. Zoek je inspiratie voor een goede polis met degelijke waarborgen voor je vrijwilligers? Lees dan de samenvattende polis eens door, opgesteld voor de Gratis Vrijwilligersverzekering. Hier vind je zeker handvaten voor je eigen polis.
Lees de polis van de gratis vrijwilligersverzekering
Zorg dat je wettelijk in orde bent. De verzekeringsplicht die de Vrijwilligerswet oplegt aan organisaties met rechtspersoonlijkheid is dwingend. Verzeker ten minste de burgerlijke aansprakelijkheid (BA-polis). Hoewel sommige verzekeringen dit niet standaard opnemen zorg je er best voor dat de BA op weg van en naar het vrijwilligerswerk mee verzekerd is.
Kostprijs als leidraad?
Als je een verzekering sluit, is het verleidelijk om te kiezen op basis van kostprijs. De prijs kan variëren van verzekeraar tot verzekeraar, maar wat vooral zal doorwegen is de inhoud van de polis op zich.
Een goedkopere polis biedt mogelijk niet dezelfde dekking als een duurdere, een duurdere zal misschien elementen bevatten die voor jullie vereniging niet nodig of van toepassing zijn.
De kostprijs hangt af van het soort organisatie, de aard van de activiteiten, het aantal vrijwilligers, de frequentie van het vrijwilligerswerk, het risicogehalte, …
Ga dus niet zomaar af op enkel prijsvergelijking, maar vergelijk ook de inhoud van de polissen. Een verzekeringsmakelaar kan je hierin bijstaan.
Tip: voor kwetsbare organisaties biedt de Vlaamse overheid een (beperkte) gratis verzekering aan.
Heb je nog geen vrijwilligersverzekering?
In dit geval neem je contact op met een verzekeringsmakelaar, -agent of -maatschappij.
Belangrijk is dat je de tijd neemt om de vraag naar een verzekering zo precies mogelijk te formuleren, eventueel een gesprek aan te gaan, zodat de verzekeringsmaatschappij een goed zicht krijgt op de precieze behoefte en een polis voorstelt die bij jullie organisatie past.
Enkele tips over hoe je tewerk kan gaan:
Stap 1
Bekijk of je al iets van verzekering hebt of niet. Indien wel, kijk dan zeker na of die polis nog actueel is (activiteiten evolueren immers doorheen de jaren)
Bespreek de verzekeringskwestie met je bestuur, kerngroep:
Stap 2
Inventariseren zodat je een goed zicht hebt op de verzekeringbehoefte:
Tip: een verzekering die werkt met ‘mandagen’ is handiger dan een verzekering die vereist dat je namenlijsten van vrijwilligers (per activiteit) doorstuurt.
Stap 3
Controleer of jullie vraag duidelijk en volledig is geformuleerd zodat je verschillende offertes kan opvragen en vergelijken:
Dus, bij nazicht van het verzekeringsvoorstel kijk je vooral naar deze zaken:
– wie is er verzekerd (als er ook occasionele vrijwilligers actief zijn, moeten ze erbij staan?)
– wat is er verzekerd (geeft het een goede neerslag van alle activiteiten?)
– wat zijn de uitsluitingen? (wanneer komt de verzekeraar niet tussen?)
Stap 4
Na vergelijking kan je nu opteren om een verzekering te sluiten. Je kan de vrijwilligers hierover informeren:
Als de organisatie al betaalde medewerkers heeft, vraag dan zeker of de voor hen gesloten polis uitgebreid kan worden naar vrijwilligers.
Heb je al een vrijwilligersverzekering?
Maak er een goede gewoonte van om de verzekeringspolis jaarlijks of tweejaarlijks na te kijken.
Zo ben je zeker dat de verzekeringspolis nog overeenstemt met de werkelijkheid.
Enkele tips om dit na te gaan:
Elke organisatie verandert en ontwikkelt. Misschien doe je bepaalde activiteiten niet meer of heb je de activiteiten uitgebreid? Kijk zeker na of de verzekeringspolis garantie biedt en zo ruim mogelijk omschrijft welke activiteiten gedekt zijn.
Is de polis verouderd of niet meer up to date? Contacteer dan als de bliksem je verzekeraar.
Ben je niet zeker van de inhoud van je verzekeringspolis of begrijp je bepaalde zaken niet? Contacteer ons.
Bij het sluiten van een verzekering let je best ook op welke formaliteiten je moet vervullen en welke plichten de verzekering je oplegt.
Premie betalen
Zorg dat je jaarlijks en op tijd de premie betaald. Het is een goed idee om dan ook nog eens te controleren of de verzekeringspolis nog actueel is.
Informatieplicht
Je hebt een informatieplicht. Dat betekent dat als er zaken veranderen, of als het risico verandert (verzwaart) je dat aan de verzekeraar moet doorgeven. Ook een toename van aantal vrijwilligers geef je altijd door.
Schadedossier indienen
De verzekeraar bepaalt de spelregels met betrekking tot aangifte van schade. De stelregel is dat je dat zo snel mogelijk doet, zodat de verzekeraar alvast een dossier kan openen.
Aangeven van activiteiten
De polis heeft meestal een duurtijd van één jaar. Het is mogelijk dat de verzekeringsmaatschappij je vraagt om de activiteiten én namen van vrijwilligers door te geven. Zorg ervoor dat je dat correct opvolgt, om betwistingen te vermijden.
Overweeg om met mandagen te werken, of vraag de verzekeraar (als dat nog niet zo is) of dit kan:
Denk er ook aan dat je als vrijwilligersorganisatie onder de GDPR-regels valt, en je vrijwilligers op de hoogte moet brengen van het doorgeven en verwerken van hun gegevens, ook aan de verzekeraar.
Opzeggen van de verzekering
Veranderen van maatschappij of makelaar…
Denk eraan dat als je van verzekering wil veranderen, je een opzegtermijn van drie maanden voor de vervaldatum van de polis in acht moet nemen.
Opzeg door de verzekeraar
Na elk schadegeval heeft de verzekeraar het recht om de verzekering op te zeggen en dan ben je verplicht op zoek te gaan naar een andere verzekeraar.
Opzeg door de verzekerde
Je hebt als organisatie ook het recht de verzekering op te zeggen na elk schadegeval. In de praktijk zal dit wellicht enkel gebeuren als je niet tevreden bent van de afhandeling van het dossier.
De Vlaamse Overheid biedt een gratis vrijwilligersverzekering aan, speciaal gericht op kleinere, kwetsbare organisaties. Doe zeker een aanvraag tot erkenning.